Slowakije

In het hart van Europa ligt Slowakije. De buurlanden zijn Tsjechië en Oostenrijk in het westen, Polen in het noorden, Oekraïne in het oosten en Hongarije in  het zuiden.
Slowakije is ongeveer 1¼ maal zo groot als Nederland. De hoofdstad is Bratislava, dat in het uiterste zuidwestpuntje van het land ligt. Dit is ook de grootste stad. Verdere grote steden zijn Kosice in het oosten, Banska Bystriča in het midden, Žilina in het noordwesten en Nitra en Trnava in het zuidwesten.


Slowakije was rijk gezegend met mineralen zoals zilver, koper en goud. Om deze rijkdommen te verdedigen werden grote verdedigingswerken aangelegd, die omgebouwd zijn tot (sprookjes)kastelen of vervallen tot ruïnes. Deze kastelen en ruïnes vind je ook nu nog overal in het land. Ook borrelt op talrijke plaatsen geneeskrachtig water uit de grond op. Bij deze bronnen zijn de kuurbadplaatsen ontstaan en deze trekken tot aan vandaag nog bezoekers uit heel Europa.
In de laatste 15 jaar zijn er in een hoog tempo oude gebouwen gerenoveerd en gerestaureerd hoewel dat nu met de recessie duidelijk minder is.

 

Het landschap
Slowakije heeft in het noorden en westen bergen als natuurlijke grens met de buurlanden. In het westen zijn het de Karpaten en in het noorden de Tatra. De bekendste bergen zijn de kleine en de witte Karpaten, de grote en de kleine Fatra en de hoge en de lage Tatra. De hoge Tatra is het kleinste hooggebergte van Europa (hoogste punt 2654m boven zeeniveau). Het Slowaaks paradijs is een prachtig natuurgebied in centraal Slowakije.

Industrie en economie
Tijdens het communistische regime waren de zware industrie, waar de wapenindustrie een belangrijke plaats innam, en de chemische industrie de belangrijkste industrieën. Na de fluwelen revolutie moesten een groot deel van de fabrieken hun deuren sluiten. Veel mensen werden werkloos. De kosten van levensonderhoud namen fors toe, terwijl de inkomsten achteruit gingen. De laatste jaren doet Slowakije het in economisch opzicht beter. Belangrijke auto-industrieën hebben zich hier gevestigd en ook het toerisme wordt belangrijker.

De geschiedenis
Het eerste schriftelijke bewijs dat Slowakije bewoond werd, komt uit de 6e eeuw voor Christus. In 179 voor Chr. graveerden de Romeinen een inscriptie in de rots onder het kasteel van Trencin. Dit was het noordelijkste punt van het Romeinse Rijk.

In de 9e eeuw lukte het de Hongaren om een groot deel van Slowakije te veroveren. De Hongaren heersten vervolgens 1000 jaar over Slowakije, tot 1918, toen het samen met Tsjechië opging in de republiek Tsjecho-Slwowakije.
In de 11e en 12e eeuw werd ontdekt, dat onder de Slowaakse bodem een enorme rijkdom aan ertsen verborgen zat, wat veel gelukszoekers naar deze streken lokte. Om de rijkdommen te beschermen werden er burchten en forten gebouwd.
In de 14e eeuw rukten de Turken naar het noorden op. De Serviërs en Slovenen vluchtten voor de Turken en vestigden zich in Slowakije. In die tijd verhuisde de aartsbisschop van Hongarije zijn zetel naar Trnava. Uiteindelijk lukte het om in de 17e eeuw met behulp van de Habsburgers de Turken terug te drijven.
Dit was het begin van de Habsburgse Donaumonarchie.

De Slowaken en Hongaren moesten verplicht Duits spreken en bovendien werden veel kolonisten uit Duitsland aangetrokken om het verlaten land te bevolken. In 1867 werd het Habsburgse Rijk opgesplitst in een Hongaars deel, waaronder ook Slowakije viel en een Oostenrijks deel.
Na de Eerste Wereldoorlog viel het Habsburgse Rijk helemaal uiteen en ontstond de republiek Tsjecho-Slowakije.
In 1938 werd Tsjecho-Slowakije gedwongen Sudetenland (1/3 van het grondgebied) af te staan aan Duitsland in ruil voor vrede. In 1939 verbrak Hitler zijn belofte en viel Bohemen en Moravië binnen; dit werden Duitse protectoraten, terwijl Slowakije een pro-Duitse vrijstaat werd onder Josef Tiso.Tiso levert 50.000 Joden uit aan Duitsland in ruil voor de ‘vrijheid’ van zijn republiek, zonder noemenswaardig protest van de bevolking. Hierdoor trad Hitler welwillend op tegen Slowakije, terwijl Tsjechië hard werd aangepakt. De kloof tussen beide volken werd groter. De communisten kregen tijdens de oorlog steeds meer invloed in Slowakije. Op 29 augustus 1944 brak de nationale volksopstand tegen het regime van Hitler uit. Deze opstand werd hardhandig door de Duitsers neergeslagen omdat de verwachte hulp van de Russen niet op tijd kwam. In veel steden in Slowakije herinneren monumenten aan deze opstand.

Na de tweede wereldoorlog kwam Tsjecho-Slowakije onder de Russische invloedssfeer.

Tussen 1945 en 1948 werden particuliere bezittingen door de staat geconfisqueerd. Daar hoorden ook de eigendommen (huizen) en spaargelden van burgers toe.
In januari 1968 werd Alexander Dubček partijleider van de communistische partij en was er een grote mate van persvrijheid en het leek erop dat er een socialistische democratie zou ontstaan, de ‘Praagse lente’. Op 21 augustus vielen de Russen Tsjecho-Slowakije binnen en werden alle vrijheden weer afgenomen. Op 16 januari 1969 stak de student Jan Palach zich in brand op het Praagse Wenceslasplein.

Op 17 november 1989 brak de fluwelen revolutie uit. Het burgerforum werd opgericht, met Václav Havel als leider. Het communistische regime viel en de regering besloot over te gaan op een vrije markteconomie. Op 10 juni 1990 werden er voor het eerst weer vrije verkiezingen gehouden.

In Tsjechië lukte dit beter dan in Slowakije, omdat dit een veel rijker deel van het land was. In Slowakije was grote werkeloosheid en hier wilde men niet zo snel de vrije markteconomie invoeren. Uiteindelijk resulteerde dit in de breuk tussen Tsjechië en Slowakije en vanaf 1 januari 1993 is Slowakjie een onafhankelijke natie.

Met ingang van januari 2019 leggen Sophia en Margreet hun werk voor Eurokuur neer. Gelukkig zijn er personen die hun werk willen overnemen en blijft Eurokuur op dezelfde wijze als voorheen goede en betaalbare reizen aanbieden naar midden Europa.

Lees meer →

In 2019 geen vergoedingen meer voor kuurreizen bij DSW en Delta Lloyd

Lees meer →